Het pestprotocol

De medezeggenschapsraad, directie en het personeel van obs De Catamaran verklaren het volgende:

Pesten is een wezenlijk en groot probleem. Pestgedrag is schadelijk tot zeer schadelijk voor kinderen, zowel voor slachtoffers als voor de pesters. Dit ernstige probleem moet aangepakt worden, in het bijzonder door de ouders en de leerkrachten.

Medezeggenschapsraad, directie en personeel moeten zo goed mogelijk samenwerken met leerlingen en ouders om het probleem "pesten" op te lossen.

De ondertekenaars van dit protocol verplichten zich tot het volgende:

  • hulp bieden aan het gepeste kind
  • hulp bieden aan de pester
  • hulp bieden aan de zwijgende middengroep
  • hulp bieden aan de leerkracht
  • hulp bieden aan de ouders
  • het bewust maken en bewust houden van alle betrokkenen van het probleem
  • het gericht voorlichten van alle betrokkenen van De Catamaran
  • het aanstellen van een vertrouwenspersoon op school
  • het aanleggen van toegankelijke, goede informatie over het probleem "pesten"

Elke twee jaar wordt dit protocol geëvalueerd en zonodig bijgesteld.Een afschrift van dit protocol wordt aan alle ouders beschikbaar gesteld.

obs De Catamaran, Capelle aan den IJssel

Getekend namens

directie A.F. Flik, personeel M. van der Linden, medezeggenschapsraad J. van der Veen, 12-12-2005

Waarom een pestprotocol?

De Catamaran wil haar kinderen een veilig pedagogisch klimaat bieden, waarin zij zich harmonieus en op een prettige wijze kunnen ontwikkelen. De leerkrachten bevorderen deze ontwikkeling door het scheppen van een veilig klimaat in een prettige werksfeer in de klas en op het schoolplein.

Het kan helaas ook voorkomen dat een kind in een enkel geval door andere kinderen wordt gepest. Dit protocol beschrijft de wijze waarop we het pestgedrag van kinderen in voorkomende gevallen benaderen.

Uitgangspunten

De school vindt de sociaal-emotionele ontwikkeling van de leerlingen erg belangrijk. Het respectvol omgaan met elkaar en het accepteren dat iedereen uniek is, vormen hierbij de uitgangspunten.

De Catamaran wil voor alle kinderen die de school bezoeken, een veilige school zijn. Dit brengt met zich mee dat wij expliciet stelling zullen nemen tegen pestgedrag en concrete maatregelen zullen nemen wanneer wij pestgedrag signaleren of gemeld krijgen.

Pesten is een wezenlijk en groot probleem. Indien dit probleem niet snel opgelost wordt, heeft dat verregaande gevolgen voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van het gepeste kind.

Preventieve maatregelen

De school hanteert schoolregels (zie schoolgids).

Aan het begin van ieder schooljaar bespreekt de leerkracht met de leerlingen de schoolregels en stelt hij in samenspraak met de kinderen een omgangsprotocol vast. Dit omgangsprotocol hangt in de klas. De kinderen en de leerkracht(en) ondertekenen het protocol. Gedurende het schooljaar zorgen leerkracht en leerlingen ervoor dat de afspraken worden nageleefd.

De school heeft een leerlingvolgsysteem voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. De leerkrachten werken actief aan het bevorderen van een goed pedagogisch klimaat in hun groep. (zie schoolplan)

Wij maken met de kinderen afspraken over hoe zij kunnen reageren op pestgedrag. In groep 1 t/m 4 bespreken we thema«s als: hoe maak je vriendjes, hoe zeg je dat je iets niet wil of fijn vindt. Vanaf groep 5 wordt expliciet aandacht besteed aan pestgedrag: wat is pestgedrag en wat doet de leerkracht eraan indien het toch voorkomt. De kinderen wordt verteld dat als je aan de leerkracht vertelt dat jij of iemand anders gepest wordt, dit geen klikken is. Bij een probleem dat de leerling niet aan de eigen leerkracht durft te vertellen, kan een kind naar een leerkracht van eigen keuze gaan. Deze leerkracht, een zogenaamde vertrouwenspersoon voor dit kind, koppelt het probleem vervolgens terug naar de leerkracht van het kind en de directeur. Geheimhouding van dit probleem moet bij deze terugkoppeling gewaarborgd zijn.

Indien de leerkracht aanleiding daartoe ziet, besteedt hij of zij expliciet aandacht aan pestgedrag in een groepsgesprek.

Bij de overdracht van de groep aan het eind van het schooljaar naar de nieuwe leerkracht van het volgende schooljaar is pestgedrag een onderwerp van gesprek.

Met overblijfouders is afgesproken dat zij pestgedrag tijdens het overblijven melden aan de leerkracht/directeur.

Repressieve maatregelen

1. Indien er sprake is van incidenten betreffende pestgedrag wordt dat met de betrokken kinderen besproken door de leerkracht. Dit gesprek staat niet op zichzelf maar wordt regelmatig herhaald om het probleem aan te pakken. Van deze gesprekken worden aantekeningen gemaakt. Deze aantekeningen komen in het dossier van zowel de pester als het gepeste kind.

2. Indien er sprake is van herhaald pestgedrag worden de ouders van de pester in het bijzijn van de pester op de hoogte gesteld van de ongewenste gebeurtenissen in een gesprek op school. Aan het eind van dit oudergesprek worden de afspraken met de pester uitdrukkelijk doorgesproken en vastgelegd. Ook de op te leggen sancties bij de overtreding van de afspraken worden daarbij vermeld. Gedacht kan worden aan uitsluiting van met name situaties die zich bijzonder lenen voor pestgedrag: buitenspelen, overblijven, gymlessen, excursies etc. De directie wordt uiterlijk in dit stadium op de hoogte gesteld. Er wordt ook melding gemaakt in de teamvergadering van het pestgedrag, zodat iedereen alert kan zijn.

3. Indien het probleem zich blijft herhalen, meldt de leerkracht dit gedrag aan de directie van de school. De leerkracht overhandigt de directie een gedocumenteerd protocol met daarin de data van de gebeurtenissen, de data en de inhoud van de gevoerde gesprekken en de vastgelegde afspraken zoals die gemaakt zijn om het pesten aan te pakken.

4. Een directielid roept de ouders op school voor een gesprek. Ook het kind kan in dit eerste directiegesprek betrokken worden. Het directielid maakt een verslag van dit gesprek en de gemaakte afspraken worden vastgelegd.

5. Indien het gedrag niet verbetert, kan het kind besproken worden in het zorgteam met de psycholoog van de onderwijsbegeleidingsdienst of worden aangemeld bij de schoolmaatschappelijk werker. Ouders moeten hiervoor toestemming geven.

6. Indien het gedrag van de pester niet aanzienlijk verbetert en/of de ouders van het kind onvoldoende meewerken om het probleem aan te pakken, kan de directeur overgaan tot bijzondere maatregelen als daar zijn: isoleren van de pester of een tijdelijke uitsluiting van het bezoeken van de lessen van de school met een maximum van drie dagen. (zie ook: protocol schorsing en verwijdering van leerlingen) Mogelijk zal de ouders geadviseerd worden te kijken naar een andere school voor hun kind.

De concrete pedagogische invulling

Voor het kind, dat op school stelselmatig getreiterd wordt door een groep medeleerlingen, wordt het schoolgaan een angstig gebeuren. Het is een probleem dat voor het kind opgelost moet worden. Het kind begrijpt vaak niet waarom het gepest wordt. Wanneer dergelijke problemen niet snel opgelost worden heeft dat verregaande gevolgen voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van dit kind.

Wanneer er sprake is van pestgedrag in een klas, is dit geen individueel probleem maar een groepsprobleem. Er zijn verschillende belanghebbenden: het gepeste kind, de pester(s), de zwijgende middengroep, de ouders en de leerkracht, maar het team kan ook een belanghebbende zijn bij een groepsprobleem.

Dit houdt in dat een aanpak van het verschijnsel, wil ze adequaat zijn, zich moet richten op een gelijktijdige hulp aan deze vijf groepen.

Het kind dat gepest wordt is in principe een onschuldig kind, naar wie de agressie die zich in de groep bevindt, zich heeft verplaatst.

Die agressie is gebaseerd op onder meer frustratie die bepaalde kinderen thuis of op school ervaren. De kinderen durven deze agressie niet te uiten tegen de echte bron van frustratie. Zij verplaatsen in dit geval de agressie naar een kind in de klas.

Concreet betekent dit:

1. Hulp aan het gepeste kind

Het kind dat gepest is, heeft een heel vervelende ervaring meegemaakt. Het zal die moeten gaan verwerken. Het kind krijgt de gelegenheid om met een vertrouwenspersoon regelmatig bij te praten. Deze vertrouwenspersoon kan de eigen leerkracht zijn maar ook iemand anders van het team. In ieder geval moet het kind alle vertrouwen hebben in deze persoon. Op vaste tijden moet het kind bij de vertrouwenspersoon komen om te vertellen wat er zoal goed en fout is gegaan in die week. Het is zinvol dat de leerling de negatieve gebeurtenissen in een soort dagboek gaat schrijven. De vertrouwenspersoon kan dan al aan het aantal geschreven bladzijden zien of het met het kind goed is gegaan. Voor het kind is het belangrijk dat het vervelende gebeurtenissen van zich af leert schrijven. De frequentie van de afspraken zal in het begin vrij groot zijn (b.v. 1 maal per week). Later kan de frequentie, indien mogelijk, teruggebracht worden naar bijvoorbeeld 1 keer per maand. Het initiatief van de bijeenkomsten zal, zeker in het begin, van de vertrouwenspersoon uit moeten gaan. Het vertrouwen bij deze kinderen is vaak zo geschaad dat zij niet zelf hierin het initiatief durven nemen. Zonodig zorgen dat het kind deskundige hulp krijgt, bijv. een sociale vaardigheidstraining.

2. Hulp aan de pester

Kinderen die pesten hebben een zwakke controle over hun agressie. De hulp aan deze kinderen bestaat uit een aantal activiteiten:

• Een gesprek waarin ondubbelzinnig zal worden aangegeven welk gedrag niet getolereerd zal worden. Er wordt een schriftelijk verslag gemaakt.
• Een duidelijke afspraak voor een vervolggesprek en welke straf er zal volgen indien het gedrag zich weer voordoet. Pestgedrag wordt binnen het team van de school gemeld zodat al het personeel alert is. De ouders worden geïnformeerd.
• Van alle gesprekken met de pester en /of ouders worden verslagen gemaakt. Indien deze activiteit geen oplossing biedt, voert de leerkracht een aantal probleemoplossende gesprekken met de leerling waarbij getracht zal worden de oorzaak van het pesten te achterhalen. Daarnaast proberen we de pester gevoelig te maken voor hetgeen hij/zij aanricht bij het gepeste kind.
• Als het pestgedrag blijft voortduren roept de school de hulp in van de schoolarts of de onderwijsbegeleidingsdienst.
• Indien dit alles niet leidt tot een verbetering zal de ouders geadviseerd worden te kijken naar een andere school voor hun kind.
 
Hoofdvestiging

Hermitage 40 - 42,
2907 NB Capelle a/d IJssel
Telefoon: 010 – 458 30 31

Nevenvestiging

Maria Danneels Erf 22 – 24
2907 BD Capelle a/d IJssel
Telefoon: 010 – 451 23 36

e-mailadres
info@obsdecatamaran.nl

opock_logo